Holding zoekt medezeggenschap

Als schaalvergroting leidt tot bestuurlijke samenwerking tussen school, welzijn, kinderopvang of beroepseducatie en volwassenenonderwijs, ontstaan holdings waar de medezeggenschap een nieuwe plek moet vinden. Hoe regel je dat goed als een deel van het personeel onder de Wet op de ondernemingsraden valt, en een ander deel onder de Wet medezeggenschap op scholen? Een praktijkvoorbeeld.
In een vorige editie van Info.mr beschreven we al de 'holdingtruc'. Besturen die willen groeien omzeilen de fusietoets door het nieuwe samenwerkingsverband in de holdingvorm te gieten. Volgens Albert Krist, rayonbestuurder bij de Algemene Onderwijsbond, worden er hier en daar pogingen gedaan om de medezeggenschap vervolgens ook op holdingniveau vorm te geven, een soort van bovenbestuurlijke medezeggenschap dus.
"Begin er niet aan", is zijn boodschap aan alle mr-leden die hiermee te maken krijgen. "Je hebt te maken met allemaal verschillende werkgevers in zo'n holding, dat maakt het bijna onmogelijk om de medezeggenschap goed te regelen op dat niveau. En er is voor bovenbestuurlijke medezeggenschap bijvoorbeeld geen geschillenregeling. De medezeggenschap kan het best op elk bestuursniveau apart geregeld blijven." 
Marianne Klop is voorzitter van de medezeggenschapsraad van het Ichthus College in Dronten en Kampen. Inmiddels maakt de school deel uit van de Landstede Groep, een grote organisatie die zich behalve met voortgezet onderwijs ook met mbo, volwassenenonderwijs, welzijn, kinderopvang en zelfs kringloop bezig houdt. "Het is door de schaalvergroting behoorlijk ingewikkeld om de medezeggenschap goed te regelen", vindt ze. Bijvoorbeeld omdat alleen in het voortgezet onderwijs de medezeggenschap ook voor ouders en leerlingen is vastgelegd. Het mbo, dat onder de Wet op de ondernemingsraden valt, kent dit fenomeen niet.
Op dit moment is nog niet helemaal duidelijk hoe de medezeggenschap straks bij Ichthus zal verlopen, maar er is wel een duidelijk uitgangspunt, zegt Klop. "In principe wordt alles teruggekoppeld naar mr-niveau. Daar vindt het advies of de instemming plaats." Tegelijkertijd denkt het bestuur met de huidige medezeggenschapsorganen over de instelling van een bovenbestuurlijke 'Landstede-raad', op holdingniveau dus. Die zou moeten bestaan uit afgevaardigden van mr, gmr en or uit de hele organisatie. De Landstede-raad kan bijvoorbeeld één keer per maand bij elkaar komen. Daar moet het dus niet meer gaan over onderwerpen die bijvoorbeeld uitsluitend het vo of het mbo aangaan, maar echt over de bovenbestuurlijke zaken.
Klop: "Maar de medezeggenschap moet helder zijn: de bevoegdheden liggen daar waar het gebeurt." Beleidsvoorstellen van het college van bestuur krijgen een vertaling met de gevolgen voor de scholen, en daar vindt de medezeggenschap plaats. 
Volgens AOb-bestuurder Krist is dat een belangrijk punt: "De neiging in zo'n Landstede-raad zal zijn om daar ook besluiten te gaan nemen, als je bij elkaar zit. Maar dat moet dus niet. Je moet het aanhoren, erover praten en terugkoppelen naar de mr-en en gmr-en."
Zo bestaat het gevaar dat de Landstede-raad niet meer wordt dan een 'praatgroep', erkent Marianne Klop. "En dat wil je ook niet zijn natuurlijk. We hebben het model nu net op papier, maar de praktijk moet het gaan uitwijzen."

Werken binnen zo'n grote organisatie heeft trouwens wel degelijk ook grote voordelen, wil ze graag benadrukken. "We hebben veel contact met collega-scholen, daar leer je veel van. Je hoeft niet alles zelf uit te vinden, soms is het ook goedkoper om zaken centraal in te kopen en we werken samen op bijvoorbeeld het gebied van pr. Maar aan de medezeggenschapskant is het door de grote schaal ingewikkelder geworden. Het kost meer tijd, het verloopt wat trager. En ik vind dat je als mr-lid meer expertise nodig hebt, daar zorgen we dus ook voor door deskundig advies in te winnen en scholing."

Verschenen in Infomr 2/2012

Gepubliceerd 2012-12-01 12:00:00

Sleutelwoorden

Deel dit artikel:

Gerelateerde artikelen

Cookie wetgeving

Online cookiepolicy
De Nederlandse Telecomwet schrijft sinds 5 juni 2012 voor dat de gebruiker van websites op de hoogte moet zijn van het plaatsen en uitlezen van cookies. Een cookie is een bestandje met een tekenreeks dat bij uw bezoek aan een website naar uw computer wordt gestuurd en waarmee uw computer bij een volgend bezoek wordt herkend.

Welke cookies gebruikt de AOb?
1. Google Analytics
De website www.aob.nl plaatst cookies die voortkomen uit het Google Analytics script dat op de website wordt ingeladen. Google Analytics is een hulpprogramma voor webstatistieken waarmee website-eigenaren inzicht kunnen krijgen in de manier waarop bezoekers omgaan met hun website. Door middel van Google Analytics proberen wij uw website bezoek zo gebruiksvriendelijk mogelijk te houden.

Meer informatie over cookies?
Op de volgende websites kunt u meer informatie over cookies vinden:
Consumentenbond: Wat zijn cookies?
Consumentenbond: Waarvoor dienen cookies?
Consumentenbond: Cookies verwijderen
Consumentenbond: Cookies uitschakelen
Deze site maakt gebruik van cookiesMeer informatieAccepteren