Flexwerken mag geen norm zijn

Groeit de flexibele formatie op veel scholen uit angst voor overschrijding van budgetten? Uit vrees voor komende krimp in het leerlingenaantal? Of gewoon als een soort modeverschijnsel? De AOb wil het stijgende aantal wisselende collega's een halt toeroepen voordat het vaste personeel meer tijd kwijt is aan inwerken dan aan les geven.
Beginnen op een tijdelijk contract is geen punt, vindt AOb-consulent Annemarie van Luik, zelf ook zo gestart bij Noorderpoort Groningen. Maar het uitzicht op een aanstelling voor onbepaalde tijd hoort daarbij. Inmiddels lijkt die laatste stap onbereikbaar bij de 1800 medewerkers tellende combinatie van vmbo, havo, vwo en mbo met veertig vestigingen en ruim 20.000 cursisten. "Alleen bij hoge uitzondering krijgen nieuwe medewerkers nog een aanstelling voor onbepaalde tijd. Het idee is om zo zelf de gevolgen van de krimpende bevolking op te vangen."
Getallen over de omvang van de flexibele formatie heeft de mr van Noorderpoort niet. Maar de ervaringen in de personeelskamer zijn helder als glas: "Wij hadden bijvoorbeeld vier gymdocenten, waarvan twee jonge enthousiaste jongens. Die waren met van alles bezig. Hun contract eindigt en dan ligt het project stil. Later zie je diezelfde jongens dan weer terug met een volgend flexibel contract. Voor de continuïteit is dit heel slecht."
AOb-bestuurder Albert Krist kent inmiddels bijna alle trucjes die werkgevers gebruiken om de wetgeving over tijdelijk werk te omzeilen. Zo zetten schoolbesturen aparte stichtingen op waarin ze medewerkers met een eerste dienstverband onderbrengen. "Een werkgever die echt slecht wil, neemt zijn mensen eerst drie jaar aan in zo'n stichting. Als de Flexwet dan de termijn bij de stichting afsluit, volgt er een nieuw dienstverband bij de school. Zo heb je weer een jaar voor een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd in beeld komt."

Werknemers in deze wachtkamer verliezen rechten op wachtgeld. Gaat het om zij-instromers, dan komen ook hun ww-aanspraken in gevaar. Krist: "Feitelijk is dit allemaal in strijd met de cao, maar het gebeurt toch. Sinds de invoering van lumpsumfinanciering worden scholen bestuurd door kleine baasjes met dollartekens in hun ogen. Ze zoeken alle mogelijke ontsnappingsroutes. Als iets voor een dubbeltje kan, waarom zou je het dan voor een kwartje doen?"

Uitzendkrachten
Werkgevers die al veel met uitzendkrachten werken, zetten het financiële argument net zo goed in. Bijvoorbeeld bij Renn4, een samenwerkingsverband in het speciaal onderwijs met meer dan tweeduizend leerlingen verspreid over dertig vestigingen in Noord-Nederland. De besparing was dé reden voor de oprichting van een personeels-bv, vertelt ambtelijk gmr-secretaris Bernadette Evers: "We werkten met drie uitzendbureaus en het aantal externe personeelsleden leek toe te nemen, al heb ik daar geen cijfers van. Met instemming van de gmr is een aantal ambulant begeleiders en medewerkers van het bedrijfsbureau toen in de personeels-bv ondergebracht, omdat daar ook de uitzendkrachten werkten."
Op dat moment kende Renn4 geen uitzendkrachten met onderwijstaken, maar de werkgever wil die richting inmiddels wel inslaan. "Het college van bestuur heeft de gmr onlangs gevraagd om de personeels-bv ook te mogen gebruiken voor onderwijzend personeel in verband met de ontwikkelingen rond passend onderwijs. We gaan zeker om meer argumenten vragen."
Bij de discussie kan Renn4 geen gebruik maken van een evaluatie van de personeels-bv. Die volgt namelijk in januari 2012. "Het gebrek aan argumenten zal de discussie over uitbreiding van de personeels-bv zeker verlengen. Dit is voor iedereen hier nieuwe materie." Albert Krist heeft wel direct argumenten tegen voorstellen om formatieplaatsen buiten de school onder te brengen in een bv of stichting met andere arbeidsvoorwaarden dan de cao: "Ook al is dit goedkoper, wil je zo je personeelsbestand opbouwen? Tijdelijke mensen lopen weg als ze ergens anders een vast dienstverband zien. Een mr die zo'n voorstel krijgt, adviseer ik contact te leggen met de rayonbestuurder. Ik zal het altijd afraden. Reken je niet rijk, zo'n bureau moet er ook aan verdienen en je betaalt 19 procent btw. Laat je niet overdonderen. Reken goed na of je echt goedkoper uit bent aan al die fratsen. Vaak is dat helemaal niet zo. Kijk ook na of de stichting zich houdt aan de cao voor uitzendbedrijven."

Uitzendbureau
De cao's voor primair en voortgezet onderwijs bieden ook houvast: "Op individuele dossiers kunnen we niet veel. Maar volgens de cao is uitzendarbeid alleen mogelijk bij vervanging wegens ziekte of buitengewoon verlof, activiteiten van kennelijk tijdelijke aard en kennelijk onvoorziene omstandigheden. Het inrichten van een flexibele schil valt daar niet onder."
En een maximum percentage van het personeelsbestand? Dat verschuift hooguit de discussie, verwacht cao-onderhandelaar Herman Molleman. "Je schiet er weinig mee op." Hij ziet meer in versterking van de bestaande afspraak: beperk de inhuur van tijdelijk personeel tot kort durende vervanging en projecten. De medezeggenschapsraad kan daar als waakhond een oogje op houden, hoe moeilijk dat ook is. "We zien overal in het onderwijs meer flexibel personeel aantreden. Het is niet gemakkelijk om daar controle op te houden. Bestuurders vragen altijd om namen en cijfers als wij erover beginnen. Maar de personeelsleden waar het om gaat willen liever niet de speelbal zijn in zo'n discussie."
De AOb mikt dan ook langs twee lijnen op de drijfveer waar werkgevers meestal wel gevoelig voor zijn: kosten. Molleman: "Je moet flexibel personeel net zo betalen als de vaste formatie én de andere cao-bepalingen toepassen. Dat maakt inhuren, dus een tijdelijke oplossing voor noodgevallen. De werkgever moet voelen dat hij net zo goed mensen gewoon in dienst kan nemen."
Het vaak genoemde risico op ziekte, wachtgeldverplichtingen en dergelijke valt volgens AOb-bestuurder Krist te beheersen: "Als je de functioneringsgesprekken en beoordeling goed op orde hebt, kun je het beter in eigen hand houden. Grijp op tijd in als iemand niet voldoet in zijn eerste jaar, dan loop je nauwelijks risico. Je moet bovendien heel veel besparen voor het allemaal zin heeft. Als je bijvoorbeeld de schoonmaak uitbesteedt, weet dan dat er 19 procent btw bovenop komt. Ik was laatst op een school die 5 ton aan zo'n bureau betaalde. Dan reken ik de mr voor dat ze dus 1 ton belasting afdragen. Voor dat bedrag kun je drie schoonmakers full time in dienst nemen, het hele jaar door."

Geen beleid, toch overleg

Toename van tijdelijke krachten gebeurt bij veel organisaties sluipenderwijs, weet AOb-adviseur medezeggenschap Marcel Koning. Zolang bestuur en directie geen beleid hebben geformuleerd, vinden ze het dan ook niet nodig om over deze koerswijziging met de medezeggenschapsraad te spreken. Een mr die zich daarbij niet wil neerleggen, kan met verwijzing naar artikel 12 van de Wet medezeggenschap op scholen zelf de kwestie op de agenda zetten. Volgens die bepaling in de wet heeft de mr instemmingsrecht op wijzigingen van het aanstellingsbeleid. Dat is beslist aan de orde wanneer vacatures niet langer worden vervuld door een nieuwe collega aan te stellen, maar deze extern tijdelijk in te huren.
Koning: "In de praktijk zie je vaak dat dit beleid niet op papier staat. Dan is de personeelsgeleding in de mr aan zet om de in de praktijk geconstateerde beleidsverandering op de agenda te krijgen. Laat de directie vertellen hoe het aandeel flexibele krachten in de formatie de afgelopen jaren is gewijzigd en zorg ervoor dat het bestuur het achterliggende beleid formuleert. Daar heeft de mr instemmingsrecht over. Dat geldt ook wanneer flexibel werken is gekoppeld aan specifieke functies of afdelingen."
Eén verleiding moeten de mr-personeelsleden weerstaan: het gevoel dat zij zelf als lid van de vaste formatie goed af zijn doordat de flexibele nieuwkomers het risico bij boventalligheid opvangen. "Je zit niet alleen voor je eigen belang in de mr. Een grote flexibele formatie betekent meer dan een buffer. De omstandigheden op het werk veranderen, zowel de continuïteit als de collegialiteit."

Verschenen in Infomr 3/2011

Gepubliceerd 2012-12-01 12:00:00

Sleutelwoorden

Deel dit artikel:

Gerelateerde artikelen

Cookie wetgeving

Online cookiepolicy
De Nederlandse Telecomwet schrijft sinds 5 juni 2012 voor dat de gebruiker van websites op de hoogte moet zijn van het plaatsen en uitlezen van cookies. Een cookie is een bestandje met een tekenreeks dat bij uw bezoek aan een website naar uw computer wordt gestuurd en waarmee uw computer bij een volgend bezoek wordt herkend.

Welke cookies gebruikt de AOb?
1. Google Analytics
De website www.aob.nl plaatst cookies die voortkomen uit het Google Analytics script dat op de website wordt ingeladen. Google Analytics is een hulpprogramma voor webstatistieken waarmee website-eigenaren inzicht kunnen krijgen in de manier waarop bezoekers omgaan met hun website. Door middel van Google Analytics proberen wij uw website bezoek zo gebruiksvriendelijk mogelijk te houden.

Meer informatie over cookies?
Op de volgende websites kunt u meer informatie over cookies vinden:
Consumentenbond: Wat zijn cookies?
Consumentenbond: Waarvoor dienen cookies?
Consumentenbond: Cookies verwijderen
Consumentenbond: Cookies uitschakelen
Deze site maakt gebruik van cookiesMeer informatieAccepteren