Houvast voor werknemer bij beoordeling

Arbitrage mocht niet helpen: de onafhankelijke scheidsrechters kwamen er net zo min uit als bestuur en medezeggenschapsraad. Dus kreeg de geschillencommissie de vraag voorgelegd hoever het instemmingsrecht van de mr reikt over een nieuw beoordelingssysteem voor het personeel van een scholengemeenschap. Mag het gesprek alleen gaan over abstracte hoofd-lijnen, of heeft de personeelsgeleding ook iets te zeggen als het gaat om de vragen in de leerlingenenquête, de criteria waar instrumenten aan moeten voldoen en op welke wijze competenties worden beoordeeld?
Voor het schoolbestuur is de zaak helder: beleid is iets anders dan uitvoerig, en bij de uitvoering heeft het bestuur de vrije hand. De mr zit even duidelijk aan de andere kant van de lijn: de beleidsvrijheid die besturen tegenwoordig hebben, maakt het hard nodig om objectieve, meetbare en concrete criteria vast te stellen in een beoordelingssysteem.
In de regeling Plannen en Evalueren die de pmr in maart 2007 kreeg voorgelegd, stonden zulke criteria niet. Voor de mr was dat indertijd reden genoeg om instemming te weigeren, waarna de mislukte arbitragepoging volgde. Op naar de geschillencommissie dus. Die constateert dat het voorgelegde beleid te weinig uitlegt op welke aspecten een werknemer wordt beoordeeld en wat de consequenties zijn van de uitslag. Beknopte beschrijvingen over competenties, gedragsindicatoren, zelfevaluatie en digitale feedback door leerlingen heeft het bestuur wel als informatie verstrekt, maar de samenhang en de waarderingsfactoren zijn niet ter beoordeling aan de mr voorgelegd. Dat moet wel, luidt het oordeel. Immers, de op deze manier vergaarde informatie kan ingrijpende gevolgen hebben, maar de ingediende regeling maakt niet duidelijk hoe de verschillende beoordelingsinstrumenten met elkaar samenhangen.
Het bestuur moet zijn huiswerk over doen en een nieuwe regeling vaststellen waaraan de werknemers meer houvast hebben. De personeelsgeleding in de mr heeft op die regeling instemmingsrecht, want werknemers moeten weten waar ze aan toe zijn.

LCG WMS 08.001, 6 mei 2008

Verschenen in Infomr 2/2008


Gepubliceerd 2012-12-01 12:00:00

Deel dit artikel:

Gerelateerde artikelen

Cookie wetgeving

Online cookiepolicy
De Nederlandse Telecomwet schrijft sinds 5 juni 2012 voor dat de gebruiker van websites op de hoogte moet zijn van het plaatsen en uitlezen van cookies. Een cookie is een bestandje met een tekenreeks dat bij uw bezoek aan een website naar uw computer wordt gestuurd en waarmee uw computer bij een volgend bezoek wordt herkend.

Welke cookies gebruikt de AOb?
1. Google Analytics
De website www.aob.nl plaatst cookies die voortkomen uit het Google Analytics script dat op de website wordt ingeladen. Google Analytics is een hulpprogramma voor webstatistieken waarmee website-eigenaren inzicht kunnen krijgen in de manier waarop bezoekers omgaan met hun website. Door middel van Google Analytics proberen wij uw website bezoek zo gebruiksvriendelijk mogelijk te houden.

Meer informatie over cookies?
Op de volgende websites kunt u meer informatie over cookies vinden:
Consumentenbond: Wat zijn cookies?
Consumentenbond: Waarvoor dienen cookies?
Consumentenbond: Cookies verwijderen
Consumentenbond: Cookies uitschakelen
Deze site maakt gebruik van cookiesMeer informatieAccepteren