Wacht niet af, stel vragen over passend onderwijs!

Veel ondersteuningsplannen zijn inmiddels goedgekeurd door de ondersteuningsplanraad, de trein van passend onderwijs dendert door. "Maar eigenlijk kan niemand zeggen hoe het na 1 augustus precies uit gaat pakken", merkt Eugenie Stolk, rayonbestuurder noord van de AOb. Vragen, vragen, vragen, is haar advies.

Stolk hoort leerkrachten op scholen vaak hetzelfde zinnetje zeggen, het klinkt bijna als een mantra: "Er zal de eerste tijd wel niet zo veel veranderen." Dat kan in sommige gevallen best kloppen, maar zoek het vooral goed uit, adviseert ze. Hoe verloopt staks de indicatiestelling? Wat is er afgesproken over de ambulant begeleiders? Hoe zit het met de baanzekerheid van administratief personeel dat in dienst was van het regionaal expertise centrum? Wat is er precies afgesproken over de basisondersteuning op jouw school, welke scholingsmogelijkheden zijn er voor jou als voor personeel en wat zijn de criteria om kinderen door te verwijzen naar het speciaal (basis)onderwijs?
Eugenie Stolk: "Iedereen benadrukt steeds dat er minder bureaucratie moet komen, dat er meer geld naar het primaire proces moet gaan. Dat klinkt goed. Maar het betekent soms ook dat niet alle administratieve ondersteuning een plek krijgt in de nieuwe organisatie. Het rec krijgt per 1-8-2014 geen geld meer, waar blijft het personeel, wie gaat het werk doen?" En, zegt ze half serieus: "Waar blijven alle dossiers? Op al die rec's staan kásten vol dossiers. Sommige samenwerkingsverbanden hebben nauwelijks iemand in dienst en maar één kamer. Waar gaan die dossiers naar toe en wie gaat ze beheren?"

Tijdelijke leerkrachten
Nog meer vragen: Hoe zit het met je (in)directe collega's? Er zijn scholen die tijdelijke leerkrachten moeten ontslaan, of die tijdelijke krachten herplaatsen op andere scholen van hetzelfde bestuur: dat kan betekenen dat jíj straks voor een grote groep komt te staan. "Je moet als docent en als team echt willen weten hoe het ervoor staat op jóuw school." Want, benadrukt ze: "Passend onderwijs kan alleen slagen als je het sámen doet. Het moet passend zijn voor het kind, maar ook werkbaar voor de leerkracht." Zeker voor leerkrachten die in de mr, gmr of opr zitten is het belangrijk om continu na te gaan: wat zijn de consequenties van de keuzes die we nu maken. Haar advies: "Wacht niet af, vráág naar de stand van zaken."
Het valt haar op dat de goedgekeurde ondersteuningsplannen door veel ondersteuningsplanraden worden beschouwd als 'groeiplannen'. Er wordt nu weliswaar 'een klap op gegeven', maar onder het voorbehoud dat aanpassingen in het ondersteuningsplan volgend jaar wéér moeten worden voorgelegd en goedgekeurd door de opr; vaak gaat het om jaarplannen. Stolk: "Dat kan ook niet anders. Zo'n opr is misschien twee keer bij elkaar geweest en dan moet je met z'n allen al iets van de inhoud vinden, dat kun je bijna niet overzien. Er staat wel een richting in, maar er wordt ook veel geworsteld: wat is precies basisondersteuning, hoe verloopt de indicatie, wie heeft precies waar iets over te zeggen."
Groeien doe je samen, dus uitwerkingen, aanvullingen en nieuwe versies van het ondersteuningsplan moeten volgens de AOb steeds weer aan de orde komen in de opr. Dat geldt ook voor een belangrijk stuk als het professionaliseringsplan over de bijscholing en nascholing van personeel. Een en ander kan als afspraak of voorwaarde worden vastgelegd bij de instemming met het eerste ondersteuningsplan.

Schooljaar of kalenderjaar?
Al lijken cijfers duidelijk, het valt soms tegen om ze goed te lezen: "De kengetallen van het ministerie lopen bijvoorbeeld per schooljaar, maar er zijn swv's die de financiën juist per kalenderjaar in de boekhouding zetten. Dat maakt het lastig om het voor jouw school snel te kunnen overzien."
Minder bureaucratie klinkt prima, maar iemand moet zich toch met het indiceren bezig houden. Hoeveel tijd ben je daar als leerkracht mee kwijt en hoe uit zich dat in de verdeling van de financiële middelen? Tussen de regio's gaan verschillen ontstaan, ziet de AOb al: "In het oosten van het land, een vereveningsgebied, zullen ze de basisondersteuning in het reguliere onderwijs uit moeten bouwen, want er zitten nu relatief veel kinderen op het so en sbo. Dat betekent als leerkracht in het reguliere onderwijs dat je veel meer op je bordje zult krijgen."
Voor iedereen die in de medezeggenschap actief is betekent het: opletten, zegt Eugenie Stolk. "Of je nu in de mr, de gmr of de opr zit. Bijelke beslissing moet je denken: wat betekent dit? Wat gaan we inhoudelijk bieden, welke visie hebben we en wat betekent het financieel en voor ons als personeel?

Solidariteit
Dus, adviseert Stolk leden van medezeggenschapsorganen: zorg voor goed contact met je achterban. Wat krijgen de ambulant begeleiders op hun bordje? Hoe zit het met de solidariteit tussen de scholen binnen het samenwerkingsverband als het principe 'de verwijzer betaalt' geldt? Eugenie Stolk: "Je kunt bijvoorbeeld denken aan het instellen van een solidariteitsfonds. Anders krijgt een sbo-school per 1 augustus misschien al te maken met veel minder inkomsten en moeten er tijdelijke krachten uit die elders in het swv wel nodig zijn."
De mr-leden moeten bekijken of wat er in het schoolondersteuningsprofiel staat, wel waargemaakt kan worden. De gmr moet goed naar het bestuursformatieplan kijken. De opr moet z'n licht opsteken bij elke aangesloten mr en gmr. "Zorg dat je weet wat het beleid voor consequenties heeft, voor iedereen. En zorg dat die praktijkverhalen bij de directeuren komen en bij het bestuur van het samenwerkingsverband."

Afvinklijstjes en aandachtspunten

Dreigt de mr of opr door de bomen het bos niet meer te zien? Op de website www.medezeggenschap-passendonderwijs.nl staat onder 'ondersteuning en advies' een lijst met aandachtspunten voor leerkrachten. Ook staan er voorbeelden van hoe samenwerkingsverbanden communiceren met hun personeel en/of ouders over passend onderwijs. Bij 'vraag en antwoord' staat informatie over bijvoorbeeld de formatie. Ook op de website van de AOb zijn afvinklijstjes te vinden over de belangrijkste punten waar medezeggenschap in het passend onderwijs over gaat. 

Verschenen in infomr 1/2014

Deel dit artikel:

Gerelateerde artikelen

Cookie wetgeving

Online cookiepolicy
De Nederlandse Telecomwet schrijft sinds 5 juni 2012 voor dat de gebruiker van websites op de hoogte moet zijn van het plaatsen en uitlezen van cookies. Een cookie is een bestandje met een tekenreeks dat bij uw bezoek aan een website naar uw computer wordt gestuurd en waarmee uw computer bij een volgend bezoek wordt herkend.

Welke cookies gebruikt de AOb?
1. Google Analytics
De website www.aob.nl plaatst cookies die voortkomen uit het Google Analytics script dat op de website wordt ingeladen. Google Analytics is een hulpprogramma voor webstatistieken waarmee website-eigenaren inzicht kunnen krijgen in de manier waarop bezoekers omgaan met hun website. Door middel van Google Analytics proberen wij uw website bezoek zo gebruiksvriendelijk mogelijk te houden.

Meer informatie over cookies?
Op de volgende websites kunt u meer informatie over cookies vinden:
Consumentenbond: Wat zijn cookies?
Consumentenbond: Waarvoor dienen cookies?
Consumentenbond: Cookies verwijderen
Consumentenbond: Cookies uitschakelen
Deze site maakt gebruik van cookiesMeer informatieAccepteren