'Opr-leden opgelet: onder elke gemaakte keuze hangt geld'

Honderden ouders en leerkrachten in de ondersteuningsplanraad (opr) van hun samenwerkingsverband (swv) merken dat ze ondanks hun ervaring in een (g)mr nogal eens in het duister tasten als het gaat om de positie en bevoegdheden van dit nieuwe medezeggenschapsorgaan. Het Steunpunt medezeggenschap passend onderwijs geeft daarom op diverse plekken in het land (gratis) cursussen voor nieuwe opr-leden. Infomr was erbij in Zwolle.

"Op een schaal van 0 tot 100, hoeveel kennis heb je op dit moment over de opr?" informeert cursusleider Johan Schat bij zijn cursisten. Die zijn behoorlijk eensgezind: niemand denkt dat-ie boven de 40 procent scoort. "Je weet natuurlijk wel wát, maar het is nog erg onduidelijk allemaal." Een ander: "Ouders wilden op 1 augustus weten hoe het ervoor stond, maar ik kon geen antwoord geven. Het blijft bij ons zo'n beetje hetzelfde." Dat lijkt misschien zo, waarschuwt Johan Schat, maar de bekostiging van zorgleerlingen is wezenlijk veranderd, en dat gaat elke school op den duur merken.
Bij welke geschillencommissie kun je straks eigenlijk terecht? Wat moeten we precies gaan doen in de opr, hoe vaak moet je vergaderen, waar sta je precies in de organisatie, waar haal je je informatie vandaan? Hoe zit het nu precies met het geld voor zorgleerlingen? Er leven veel vragen.

Bron van kennis
Bij veel ondersteuningsplanraden blijkt de directeur van het samenwerkingsverband nu nog de belangrijkste informatiebron te zijn. "Hij is echt een bron van kennis, weet precies wat er speelt en stelt samen met onze voorzitter en secretaris de agenda op", vertelt een lid van de oudergeleding van een vo-school. Bij een andere opr blijkt de directeur zelfs geheel in haar eentje de agenda samen te stellen.
Schat: "In deze beginfase is de directeur vaak belangrijk om op de hoogte te blijven. Maar je moet je als opr natuurlijk breder laten informeren, anders bepaalt de directeur waar je over praat en weet je als opr niet eens wat er allemaal speelt en welke keuzes er nog meer zijn. Je hebt bijvoorbeeld minimaal twee keer per jaar recht op overleg met de bestuurder: nodig die uit om naar de opr te komen."
Lang niet alle docenten weten wat er in het sop (schoolondersteuningsprofiel) van hun eigen school staat, blijkt op deze avond. Doe daar wat aan, adviseert de cursusleider: "Als de mr niet met het sop heeft ingestemd, is het niet rechtsgeldig als er problemen komen. Check wat erin staat, welke specifieke ondersteuning jouw school belooft. Onder elke gemaakte keuze hangt geld." Schat vraagt ook aandacht voor de lange termijn: "Zorg dat je nú als opr de meerjarenbegroting van je swv goed bekijkt en bespreekt, en waar nodig aanpassingen bepleit."
Kijk goed naar het ondersteuningsplan van het swv, adviseert de trainer verder: de keus voor 'thuisnabij onderwijs' of juist voor 'specialiseren', heeft gevolgen voor het leerlingenvervoer. "Het samenwerkingsverband moet daar afspraken over hebben gemaakt met de gemeente. Als een kind een toelaatbaarheidsverklaring heeft en ver moet reizen voor een gespecialiseerde school, moet het vervoer wel geregeld zijn en door de gemeente worden betaald. Als opr moet je erop toezien dat het goed is afgesproken."
En als een kind toch naar een andere school moet, "moeten wij als school dan geld mee geven?" En wat als ouders echt met hun kind naar een ander samenwerkingsverband willen omdat ze daar wél een goede school zien voor hun kind? Daar is al flink over gesteggeld tussen swv's in Overijssel. "Het is heel lastig. Je moet toch hopen dat de besturen van swv's daar onderling wel uit kunnen komen."

Vacatievergoeding
Tot nog toe is er vaak veel gepraat over de eigen organisatie van de opr, blijkt deze avond. "Wij konden als personeel een vacatievergoeding van 100 euro per persoon krijgen per opr-vergadering. Dat vonden we teveel. Het geld moet toch ten goede komen aan de leerlingen?" Uiteindelijk werd de vergoeding op 20 euro per persoon vastgesteld. Johan Schat: "De facilitering van uren moet ook op orde zijn. Je wordt door je school uitgeleend aan het samenwerkingsverband. Wat betaalt het swv jouw directeur terug voor die uren dat jij in de opr zit? Daar moet je afspraken over maken."
Alle aanwezige leerkrachten weten dat er door passend onderwijs van alles gaat veranderen, maar ze merken er nog nauwelijks iets van, zeg- gen ze. Een docent uit het speciaal onderwijs ziet de instroom al wel afnemen: "In alle plannen rondom passend onderwijs gaat het over onderlinge expertise-uitwisseling binnen het samenwerkingsverband. Wij hebben die kennis natuurlijk in huis, maar nog niemand komt 'm halen." Iedereen erkent: passend onderwijs is vooral ingegeven door bezuinigingsdrift. "Er zitten vanaf nu duidelijk grenzen aan de bekostiging van de zorg voor leerlingen." Een leerkracht: "Maar ons uitgangspunt moet toch blijven: hoe haal je het beste uit een kind? Daar moeten we naar kijken, daar moeten we als opr op gespitst zijn."

Tips voor opr-starters

  • Een personeelslid uit de opr: "Elke opr-vergadering brengt iemand een casus in: hoe heb je contact gehad met het swv en wat zijn je ervaringen. Zo kunnen we informatie uitwisselen en weet iedereen hoe het eraan toe gaat."
  • Ouders zijn bij passend onderwijs 'partners' van school en het swv, maar hoe informeer je ze? Ook voor veel personeelsleden is de opr een 'ver van m'n bed' show. Maak na elke opr-vergadering een kort inhoudelijk verslag (anders dan de notulen) waar in staat wat er is besproken, wat er is besloten, wat er aan zit te komen op de agenda. Zet dat verslag op de website of mail het naar alle scholen. Zo krijg je contact met je achterban.
  • Raadpleeg de site van het steuntpunt www. medezeggenschap-passendonderwijs.nl. Daar staat veel informatie, veel praktijkverhalen en er zijn fora waar opr-leden onderling informatie kunnen uitwisselen. Er bestaan opr-netwerkbijeenkomsten, verspreid over het land. Medewerkers van het steunpunt kunnen (gratis) een maatwerkcursus of informatiebijeenkomst verzorgen op school of in de opr. Een telefoontje is voldoende: 036-5368718.

Verschenen in infomr 4/2014

Deel dit artikel:

Gerelateerde artikelen

Cookie wetgeving

Online cookiepolicy
De Nederlandse Telecomwet schrijft sinds 5 juni 2012 voor dat de gebruiker van websites op de hoogte moet zijn van het plaatsen en uitlezen van cookies. Een cookie is een bestandje met een tekenreeks dat bij uw bezoek aan een website naar uw computer wordt gestuurd en waarmee uw computer bij een volgend bezoek wordt herkend.

Welke cookies gebruikt de AOb?
1. Google Analytics
De website www.aob.nl plaatst cookies die voortkomen uit het Google Analytics script dat op de website wordt ingeladen. Google Analytics is een hulpprogramma voor webstatistieken waarmee website-eigenaren inzicht kunnen krijgen in de manier waarop bezoekers omgaan met hun website. Door middel van Google Analytics proberen wij uw website bezoek zo gebruiksvriendelijk mogelijk te houden.

Meer informatie over cookies?
Op de volgende websites kunt u meer informatie over cookies vinden:
Consumentenbond: Wat zijn cookies?
Consumentenbond: Waarvoor dienen cookies?
Consumentenbond: Cookies verwijderen
Consumentenbond: Cookies uitschakelen
Deze site maakt gebruik van cookiesMeer informatieAccepteren