Overlegmodel of basismodel: 9 kwesties in het taakbeleid

Stem nooit bij handopsteken over taakbeleid, waarschuwt Anne Seuren, sectorbestuurder van de AOb voor het primair onderwijs. Hoe goed de sfeer in een team ook is en hoe fijn het overleg ook is verlopen, iedereen op school moet in vrijheid de eigen afweging kunnen maken over taakbeleid. Geen pottenkijkers in het stemhokje dus, net als bij politieke verkiezingen.

Taakbeleid komt overal op de agenda doordat de nieuwe cao voor het primair onderwijs meer variatie mogelijk maakt. Niet langer zijn de 930 uur voor les- of behandeltaken bij een volledige aanstelling het onwrikbare fundament waar de organisatie overige taken omheen moet bouwen. Het is voortaan ook denkbaar om sommige teamleden meer les te laten geven, als alle betrokkenen dat wensen en kiezen voor het overlegmodel. Andere teamleden krijgen dan juist minder lestaken en meer uren voor overige taken. De verdeling verandert, maar voor elke voltijdbaan blijft de aanstelling 1659 uur per jaar.
Maatwerk dus, met als doel de ideale balans tussen lestaak en overige werkzaamheden, zowel voor de school als voor het personeel. Maar die balans komt er echt niet vanzelf door klakkeloos het nieuwe model voor taakbeleid te omarmen, waarschuwt de AOb. Net als het klassieke basismodel heeft ook het overlegmodel zorg en aandacht nodig om de werkzaamheden prettig en nuttig in te richten. Om de kansen in het overlegmodel optimaal te benutten en het beste resultaat te bereiken, zijn de volgende punten van belang:

1. Zorg voor informatie

Zowel het personeel als de mr-leden stemmen over de modelkeuze en beide groepen moeten dus goed weten wat de verschillen zijn tussen het nieuwe overlegmodel en het reeds bekende basismodel. De namen van de modellen maken het onderscheid enigszins duidelijk: het basismodel is een collectieve regeling die op het onderdeel taakbeleid voor het hele team gelijk is, terwijl in het overlegmodel hierover individuele afspraken mogelijk zijn. Daarnaast zijn er diverse procedurele kwesties. Ze staan opgesomd in het kader 'De zes verschillen'. Voorbeelden van taakbeleid volgens het overlegmodel zijn er nog maar weinig, omdat het maken van dit nieuwe type afspraken in volle gang is. AOb Scholing geeft een cursus over de rol van de mr in de nieuwe cao: Nieuwe cao - nieuwe kansen. Daarnaast biedt de bond cursussen voor medezeggenschapsraden die zich in de finesses van taakbeleid willen verdiepen.

2. Overleg begint centraal
Zolang niemand iets doet, geldt het basismodel, de afspraken die er al zijn. Overstappen naar het overlegmodel kan op de agenda komen door een voorstel van de werkgever of via het initiatiefrecht van de medezeggenschapsraad. Deze discussie moet gevoerd worden op centraal niveau tussen de personeelsgeleding van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad en de werkgever. Het gaat daarbij over de kaders voor het taakbeleid: welke taken vallen er onder de opslagfactor en op grond van welk beleid wordt de individuele opslagfactor toegekend. Ook maakt dit overleg afspraken over een stemprocedure voor de invoering per school. Daarnaast is dit het moment voor de personeelsgeleding van de gmr om goed te kijken naar andere regelingen die relevant zijn voor het taakbeleid: de arbeids- en rusttijden, de ondersteuning van beginnende leerkrachten en de introductie en begeleiding van vervangers. Is dat allemaal in orde, dan is het fundament van het taakbeleid geregeld. Van belang voor de gmr is verder nog de cao-bepaling dat een overstap naar het overlegmodel niet mag leiden tot verlies van werkgelegenheid: de verdeling tussen meer en minder lesgeven per leerkracht kan geen bezuiniging zijn.
De school mag verder geen enkele werknemer verplichten om de werktijdfactor omhoog of omlaag bij te stellen. De inzet per week moet gebaseerd zijn op een vaste omrekening van de bestaande werktijdfactor naar een werktijdfactor in uren en minuten. Ook als de keuze valt op het handhaven van het basismodel, moet er op sommige scholen wel wat veranderen om te voldoen aan de actuele cao-regels. Over de kaders van het taakbeleid maakt de werkgever ook hier afspraken op centraal niveau. Denk aan de groepering van soorten taken en afwegingen over het belang ervan in relatie tot de identiteit van de scholen. Basismodel of overlegmodel, in alle gevallen bepalen team en mr per school de details van het taakbeleid. Het is niet de bedoeling dat de centraal afgesproken kaders de regeling al helemaal dichttimmeren.

3. Modelkeuze is optie
Is het basismodel centraal afgesproken, dan kan een school de uitvoering ervan afstemmen naar smaak, maar niet op eigen houtje toch kiezen voor het overlegmodel. Andersom is wel mogelijk: ligt er overeenstemming op centraal niveau tussen de gmr en het bestuur over het overlegmodel, dan zijn de aangesloten scholen vrij om toch de voorkeur te geven aan het basismodel.

4. Eigen ruimte per school

Valt centraal de keuze op het overlegmodel, dan zal de schooldirectie een voorstel aan de personeelsgeleding van de mr presenteren om het in te voeren. Dat gebeurt per brin-nummer. Een bestuur met meerdere scholen, krijgt dus te maken met even zo veel invoeringsplannen. Het invoeringsplan beschrijft welke taken onder de opslagfactor vallen, op welke wijze de individuele opslagfactor wordt bepaald en wat er verder aan maatwerk op school relevant is. Als de personeelsgeleding van de mr met dit plan heeft ingestemd, volgt een stemming onder het voltallige personeel, waarbij de meerderheid beslist.
Verschillende scholen die onder een bestuur vallen, kunnen dus afwijkende besluiten nemen over het taakbeleid. Dat is ook de bedoeling van de cao-partners: taakbeleid gaat over de werklast van een team, in de omstandigheden van de school. Het is goed als de school zelf invloed heeft op de invulling van het taakbeleid. Dat kan zo aansluiten bij de eigen leerlingpopulatie, visie of identiteit: maatwerk, alweer.

5. De opslagfactor blijft gelijk
Wie meer lessen geeft, heeft ook meer tijd nodig om voor te bereiden, werk na te kijken en dergelijke. Overstap van het basismodel naar het overlegmodel verandert niets aan de afspraken over de opslagfactor. Deze factor bepaalt daarmee ook het maximaal mogelijke aantal lesuren. De opslagfactor valt per individu te variëren op basis van bijvoorbeeld het aantal zorgleerlingen, groepsgrootte, ervaring en dergelijke, maar de rek is niet oneindig. Houd er bovendien rekening mee dat de uren voor duurzame inzetbaarheid en professionalisering vastliggen per leeftijdscategorie. Al deze activiteiten zijn werkzaamheden en daar moeten dus uren voor zijn vastgelegd. Het overlegmodel mag leerkrachten niet dwingen om werk in hun vrije tijd te gaan doen.

6. Stemmen hoort er altijd bij
Op scholen waar de sfeer tussen team, mr en bestuur goed is, kan de gedachte ontstaan dat een verandering van het systeem van taakbeleid ook mondeling te regelen valt zonder procedurevoorstel en geheime stemming. Doe dat niet, adviseert de AOb met klem. Als er later een keer problemen ontstaan, kunnen zowel personeel als bestuur nergens op terugvallen. Beslissingen van dit gewicht voorleggen aan een teamvergadering met handopsteken laadt bovendien een zware last op de aanwezigen: wie zichtbaar bij de minderheid hoort, heeft de jaren daarna wat uit te leggen. Hoewel leerkrachten en bestuurders allemaal volwassen mensen zijn, bestaat het risico dat aanwezigen 'voor de lieve vrede' meestemmen met een dominante deelnemer aan de discussie. Of ze durven niet openlijk tegen het directievoorstel in te gaan. Een geheime schriftelijke stemming geeft die ruimte wel en dat is ook de bedoeling. Leerkrachten moeten bij hun persoonlijke beslissing over taakbeleid zelf de afweging kunnen maken tussen het collectieve en het individuele belang.

7. Ieders stem telt

Op basis van ervaringen uit het voortgezet onderwijs, waar dit type stemmingen al langer voorkomt, heeft de AOb een voorbeeld van een correcte stemprocedure opgesteld, te vinden op de website. De kern daarvan: stemmen gebeurt geheim en schriftelijk, ook zieken moeten mee kunnen stemmen en de stem van een deeltijder staat gelijk aan die van fulltimer. De belangen van ieder individu wegen in deze kwestie even zwaar, redeneert de AOb, en een gewichtenregeling naar dienstverband maakt de zaak nodeloos ingewikkeld. Eén mens, één stem dus. Strikter is de bond als het gaat om de opkomst: aangezien de cao het heeft over instemming van de meerderheid van het personeel, tellen blanco stemmen en niet-stemmers in beginsel als een nee. Deze personen verlenen immers geen instemming. Het is mogelijk om dit deels op te vangen door een opkomstdrempel in te stellen, bijvoorbeeld 80 procent. Wordt die gehaald, dan telt op basis van de cao-tekst de gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen.

8. Dwingen is geen optie
De werkgever kan het overlegmodel niet afdwingen, maar de medezeggenschapsraad kan het ook niet koste wat kost tegenhouden. Net als bij andere medezeggenschapskwesties is het de bedoeling dat de gesprekspartners er samen uitkomen. Als de personeelsgeleding van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad grote bezwaren heeft tegen een voorstel om het overlegmodel in te voeren, kan de werkgever het intrekken of met een nieuwe versie komen die deze bezwaren wegneemt. Lukt het dan nog niet om instemming te krijgen, dan kan de werkgever naar de landelijke geschillencommissie medezeggenschap WMS. Als de bezwaren van de gmr geen hout snijden, verleent die vervangende instemming. Daarmee is het overlegmodel nog niet ingevoerd, want na deze fase volgt dezelfde route voor het invoeringsplan op school, met de personeelsgeleding van de mr. Is die horde genomen, dan heeft het personeel het laatste woord over de daadwerkelijke stap naar het nieuwe taakbeleid. Zonder meerderheid komen er geen veranderingen.

9. Blijf evalueren
De beslissing om het overlegmodel in te voeren voor het taakbeleid geldt voor een periode van drie jaar. Gebeurt er daarna niets, dan keert de school na afloop automatisch terug naar het basismodel, wat natuurlijk toch weer een hoop extra afspraken en regelwerk met zich meebrengt. Zowel voor de mr als voor de directie is het dan ook belangrijk om de praktijk van het taakbeleid te blijven evalueren.
De AOb adviseert het team hier ook goed in te horen. Zo kan er op tijd een nieuw voorstel bij de mr liggen om voor de daaropvolgende jaren het overlegmodel verder aan te passen, of beredeneerd terug te keren naar het basismodel. Wanneer het overlegmodel opnieuw al dan niet in aangepaste vorm wordt ingevoerd, dient wederom zowel de personeelsgeleding van de mr als de meerderheid van het team in te stemmen.
 

De zes verschillen

Basismodel taakbeleid:
  • 930 uur les- en behandeltaken op jaarbasis bij volledige aanstelling van 1659 uur
  • 
Individuele afspraak over meer lesuren mogelijk op jaarbasis
  • Per school vaste opslagfactor voor- en nawerk
  • Standaard zolang er geen andere keuze wordt gemaakt
  • Kaders af te spreken tussen werkgever en personeelsgeleding gmr
  • Team en personeelsgeleding mr gaan over concrete invulling

Overlegmodel taakbeleid:
  • Meer of minder dan 930 uur les- en behandeltaken mogelijk bij volledige aanstelling van 1659 uur
  • Individuele opslagfactor voor- en nawerk
  • Mogelijk als personeelsgeleding gmr instemt
  • Stemmen op schoolniveau over invoering
  • Team en personeelsgeleding mr gaan over concrete invulling
  • Iedere 3 jaar moet keuze voor overlegmodel weer worden voorgelegd op schoolniveau

Verschenen in infomr 1/2015

Deel dit artikel:

Gerelateerde artikelen

Cookie wetgeving

Online cookiepolicy
De Nederlandse Telecomwet schrijft sinds 5 juni 2012 voor dat de gebruiker van websites op de hoogte moet zijn van het plaatsen en uitlezen van cookies. Een cookie is een bestandje met een tekenreeks dat bij uw bezoek aan een website naar uw computer wordt gestuurd en waarmee uw computer bij een volgend bezoek wordt herkend.

Welke cookies gebruikt de AOb?
1. Google Analytics
De website www.aob.nl plaatst cookies die voortkomen uit het Google Analytics script dat op de website wordt ingeladen. Google Analytics is een hulpprogramma voor webstatistieken waarmee website-eigenaren inzicht kunnen krijgen in de manier waarop bezoekers omgaan met hun website. Door middel van Google Analytics proberen wij uw website bezoek zo gebruiksvriendelijk mogelijk te houden.

Meer informatie over cookies?
Op de volgende websites kunt u meer informatie over cookies vinden:
Consumentenbond: Wat zijn cookies?
Consumentenbond: Waarvoor dienen cookies?
Consumentenbond: Cookies verwijderen
Consumentenbond: Cookies uitschakelen
Deze site maakt gebruik van cookiesMeer informatieAccepteren