Toezichthouders verlaten ivoren toren

De wet versterking bestuurskracht, die in augustus van kracht moet worden, regelt onder meer dat ‘de interne toezichthouder’ tenminste tweemaal per jaar gaat overleggen met de medezeggenschapsraad. InfoMR vroeg een aantal voorzitters van raden van toezicht wat ze daarvan vinden en hoe de praktijk nu is.
Twee keer per jaar verplicht overleg tussen toezichthouder en medezeggenschapsraad? Marian Louppen, voorzitter van de raad van toezicht bij De Basis (twintig openbare basisscholen in Arnhem) is verbaasd over die nieuwe regel. "Was dat nog niet verplicht dan? Ik vind dat echt absoluut noodzakelijk. Wij doen dat al járen."
Ze heeft ervaring als toezichthouder in andere sectoren, en weet dat dergelijk regelmatig overleg in de zorg of bij woningcorporaties al veel langer verplicht is. Louppen: "Het grootste gevaar voor een raad van toezicht is dat je boven de materie zweeft, dat je geen contact hebt en vervreemdt met waar je daar voor zit: met de mensen die daar aan het werk zijn." Natuurlijk vertrouw je als toezichthouder op je bestuurder, stelt ze. "Maar je bent verplicht om jezelf breder te informeren als toezichthouder. Het is ook een check op wat je van je bestuurder hoort, zonder dat je die wantrouwt. Hoe ziet de werkelijkheid eruit, klopt dat met de stukken en de informatie die ik heb? Het is belangrijk om meer stemmen te horen en die mee te wegen."
Je moet je als toezichthouder wel bewust zijn van een valkuil, waarschuwt ze: "Je moet je niet laten gebruiken als beroepsinstantie. Dat als een gmr haar zin niet krijgt bij de bestuurder, dat ze dan naar de rvt komen." Het is haar een keer gebeurd, vertelt ze. "Ik heb hen teruggestuurd naar de bestuurder, dat is hun primaire gesprekspartner, daar moeten ze een probleem aankaarten. Je moet je rol goed bewaken."
Hoe is de onderlinge verhouding? Louppen: "Aanvankelijk keken ze geloof ik wel een beetje tegen ons op. De raad van toezicht staat heel ver van hen af, ik vergelijk het weleens met de manier waarop mensen omgaan met het koninklijk huis. Maar als je belangstellend bent en met elkaar praat is dat gelukkig snel over, die afstand verdwijnt dan. Het hangt echt af van je eigen opstelling."
De raad van toezicht van De Basis brengt twee keer per jaar een serie bezoeken aan de aangesloten scholen, elk jaar komen er zo'n vijf aan de beurt. "Dat vinden wij belangrijk. Je moet als toezichthouder willen weten: waar hebben wij het over? Die scholen staan allemaal in andere wijken en zijn zó verschillend."
Tijdens een schoolbezoek praten de toezichthouders goed door met de directeur op locatie, schetst de voorzitter. "Wat gaat er goed, waar maak je je zorgen over. Het zijn interessante en open ontmoetingen. Je ziet bijvoorbeeld de onderhoudsstaat van de schoolgebouwen en het enorme belang van een conciërge." Naast die bezoeken kennen de toezichthouders ook de inspectierapporten, er is tweejaarlijks overleg met de gmr, er zijn de reguliere vergaderingen met de bestuurder, en een afvaardiging zit als toehoorder twee keer per jaar bij het directeurenoverleg. Louppen: "Zo ontstaat een coherent beeld. Je hebt als bestuurder brengplicht, maar als raad van toezicht heb je ook haalplicht, vind ik. Je moet breed geïnformeerd zijn om een oordeel te kunnen vellen. Als je goed oplet, wordt je ook niet verrast door nare toestanden, al kan dat door fraude ofzo natuurlijk toch altijd gebeuren." Het bezoeken van scholen noemt Louppen voor leden van een raad van toezicht 'absoluut noodzakelijk': "anders zit je vanuit een ivoren toren te praten."
De bestuurder is altijd aanwezig bij het overleg tussen de liefst voltallige raad van toezicht en de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad. "We zijn met z'n allen verantwoordelijk, dus zitten we daar bij voorkeur ook met z'n allen." Slechts een afvaardiging van gmr of rvt rond de tafel te zetten, dat vindt zij geen goed idee. "Je doet tijdens zo'n bijeenkomst een beeld op, dat kun je niet goed in een verslagje aan je collega's overbrengen, vind ik." En de aanwezigheid van de bestuurder, komt dat de openheid van gmr wel ten goede? Louppen: "Ik vind het belangrijk dat alle betrokkenen aan tafel zitten. Als de gmr liever alleen met ons zou praten, zou ik daar zeker ruimte voor maken, maar dat is nog nooit het geval geweest. De verhouding is ontspannen en open, ook omdat wij op die scholen komen, denk ik."
Ze prijst de houding van 'haar' bestuurder, die communicatie merkbaar belangrijk vindt en 'alle meningen wil horen'. Louppen: "Als toehoorder bij het directeurenoverleg merk ik natuurlijk hoe de verhoudingen zijn. Of mensen alles durven zeggen en hoe de bestuurder reageert op kritiek." Krijgt ze van de gmr veel nieuwe informatie? "Weinig is echt nieuw,maar het zorgt voor verdieping. Je zit nog meer in hun belevingswereld. Waar lopen ze op school tegenaan? Ik werk zelf op de Saxion Hogeschool en de financiële situatie is daar zó anders, daar is geld zat. Ik vind het heel erg treurig dat het basisonderwijs, dat zó belangrijk is, zó wordt afgeknepen."

Tip

"Zo'n advertentie met een vacature bij een raad van toezicht waar over het tijdsbeslag in staat dat je '5 tot 6 keer per jaar vergadert', dat vind ik zó fout. Dat kan niet, of je houdt op een verkeerde manier toezicht. Als je je rol goed wilt vervullen, kost het meer tijd. Het is geen bijbaantje, je moet het echt doen vanuit maatschappelijke betrokkenheid."

Rob Leenders: sfeer proeven

Rob Leenders is voorzitter van de raad van toezicht bij de brede scholengemeenschap voor voortgezet onderwijs Pantarijn met vestigingen in Wageningen, Kesteren en Rhenen.

"Tot nog toe ging er jaarlijks één keer een afvaardiging van de raad van toezicht naar de gmr, om daar een deel van de vergadering als toehoorder bij te wonen. Vooral om de sfeer te proeven en te zien hoe gmr en bestuurder met elkaar omgaan, hoe stukken ter tafel komen en worden behandeld. Dat beschouw ik als interessant en informatief."
"De gmr staat natuurlijk dichter op de school dan wij als toezichthouders, sommige dingen raken hen directer. Bijvoorbeeld het advies van de financiële commissie van de gmr op een begroting, vind ik doorslaggevend: zij zitten er bovenop en kijken naar de houdbaarheid en continuïteit van een instelling, kunnen we zo goed de toekomst in?"
"Bij sollicitatieprocedures voor een bestuurder zitten er altijd twee leden van de gmr in de commissie. Zij kijken anders: wat halen we met deze kandidaat in huis, past het bij de school? Ik vind de inbreng van de gmr daarbij heel waardevol. Zij hebben mensen al gegoogeld en van alles uitgezocht wat er over hen nog meer te vinden is. Dat zorgt voor een verdiepingsslag bij die sollicitatieprocedures en door die ervaringen heb ik groot vertrouwen in de gmr."
"Dat nu geformaliseerd wordt dat we tweejaarlijks overleg met de gmr moeten hebben, oké. Wij gebruikten hen al als bron, nu gaan we actief nog meer bij hen 'halen' verwacht ik, in de gmr zitten toch de belangrijkste stakeholders, die wij als rvt vertegen-woordigen. In zo'n gesprek met de gmr zou het functioneren van de bestuurder specifiek aan de orde kunnen komen. Maar bestuurder en gmr hebben natuurlijk hun eigen overleg om zaken te bespreken, we zijn geen extra beslisorgaan van de gmr."


Paul Kautz: aftasten

Paul Kautz is voorzitter van de raad van toezicht van het Markland College, waar twee Brabantse scholen voor voortgezet onderwijs onder vallen, in Oudenbosch en Zevenbergen.

"We hebben nu elk jaar één vergadering met de gmr. Eerlijk gezegd vind ik dat genoeg, maar het wordt dus twee keer. Meestal komen we als raad van toezicht met een afvaardiging naar die vergadering, de gmr is altijd wel bijna voltallig. Als wij met z'n allen zouden komen, is dat misschien toch wat overdonderend. Ik heb weleens het gevoel dat ze een beetje tegen ons opkijken. De leden van de rvt hebben vaak een ander opleidingsniveau of andere carrière dan het gemiddelde gmr-lid, en je gaat niet dagelijks met elkaar om. Maar na wat aftasten gaat het prima, vind ik. Het is een goed voorbereide vergadering, die wordt voorgezeten door de voorzitter van de gmr. Er is altijd een korte introductie over de rvt: wie zijn we, wat doen we. Binnen de gmr wisselen de leden nogal eens, vooral de ouders en de leerlingen, dus een korte introductie is wel nuttig."
"Eerlijk gezegd: vroeger dacht ik dat zulke gremia, mr en gmr, vooral over het toiletpapier zaten te vergaderen, maar ik zie nu dat dat, hier in elk geval, echt niet zo is. Het is serieus. Nuttig voor ons als rvt om rechtstreeks met de gmr te praten: wij lopen toch niet iedere dag door die school. Je hoort als raad van toezicht natuurlijk het meest van de bestuurder, maar je moet als toezichthouder oppassen dat je je niet alleen laat informeren door de bestuurder. De gmr bevestigt soms dingen die je al vermoedde en je kunt er dan wat dieper op ingaan. Ze zijn wel bereid het achterste van hun tong te laten zien. Het zijn goede gesprekken, maar zeker op het gebied van financiën merk ik dat wij als raad van toezicht hen meer moeten uitleggen, dan dat zij ons kunnen vragen."
"De lerarengeleding is bij zo'n vergadering de belangrijkste gesprekspartner voor ons. Docenten zitten over het algemeen een langere periode in de gmr, ouders en leerlingen wisselen vaker. Die zijn natuurlijk wel geïnteresseerd, maar inhoudelijk soms wat minder goed op de hoogte. Het personeel in de gmr stelt de voor ons interessantste vragen."

Tip

"In de benoemingscommissie voor een bestuurder of een rvt-lid zit altijd iemand namens de gmr. Daarmee hebben we, zeg maar, 'afgekocht' dat zij apart iemand mogen aandragen voor een vacante post in de raad van toezicht. Zij zijn hier gelukkig mee en wij ook. Zo is de gmr bij elke benoeming betrokken, en niet alleen bij zo'n eenmalige voordracht."

Verschenen in infomr 2/2016

Sleutelwoorden

Deel dit artikel:

Gerelateerde artikelen

Cookie wetgeving

Online cookiepolicy
De Nederlandse Telecomwet schrijft sinds 5 juni 2012 voor dat de gebruiker van websites op de hoogte moet zijn van het plaatsen en uitlezen van cookies. Een cookie is een bestandje met een tekenreeks dat bij uw bezoek aan een website naar uw computer wordt gestuurd en waarmee uw computer bij een volgend bezoek wordt herkend.

Welke cookies gebruikt de AOb?
1. Google Analytics
De website www.aob.nl plaatst cookies die voortkomen uit het Google Analytics script dat op de website wordt ingeladen. Google Analytics is een hulpprogramma voor webstatistieken waarmee website-eigenaren inzicht kunnen krijgen in de manier waarop bezoekers omgaan met hun website. Door middel van Google Analytics proberen wij uw website bezoek zo gebruiksvriendelijk mogelijk te houden.

Meer informatie over cookies?
Op de volgende websites kunt u meer informatie over cookies vinden:
Consumentenbond: Wat zijn cookies?
Consumentenbond: Waarvoor dienen cookies?
Consumentenbond: Cookies verwijderen
Consumentenbond: Cookies uitschakelen
Deze site maakt gebruik van cookiesMeer informatieAccepteren